Everzwijnen

In de winter van 2006 werd er voor het eerst een wild zwijn gespot in de weilanden achter de grote parking van Bokrijk. Deze knorrige maar slimme eenzaat hield zich vaak op in de omgeving van de boerenpaarden die dagelijks gevoederd werden.

De volgende jaren stelden domeinwachters, bosarbeiders, maar ook wandelaars sporadisch vast dat grasvlaktes omgewoeld werden. Daarnaast verschenen in diverse media berichten over woel- en vraatschade aan landbouwgewassen en akkers. Het wild zwijn deed massaal zijn intrede in Bokrijk … en Vlaanderen!

Lees meer
Wild in beeld
In Bokrijk werd het aantal wilde zwijnen in 2010 geraamd op een twintigtal.
Visuele waarnemingen van schade aan de diverse weilanden en in bospercelen werden in kaart gebracht en geïnventariseerd.
Verder boden opgestelde wildcamera’s nuttige informatie over de looppaden of jachtwissels, het gedrag, de rustplaats en activiteiten van deze nachtdieren.

De voorbije jaren werd een opmerkelijke populatiegroei van het wild zwijn waargenomen. Dit is o.a. te wijten aan de ideale biotoop met variatie in de vegetatie, voldoende voedsel en water. Uiteraard speelden ook de zachte winters een rol. De zwijnen richtten dan ook bijna wekelijks op diverse percelen in heel het park ravages aan.

Plan van aanpak
Met beleidsverantwoordelijken van het provinciebestuur, het ANB (Agentschap Natuur en Bos) als toezichthoudend adviesorgaan, de vzw Natuurpunt en het INBO (Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek) werden verkennende gesprekken gevoerd en overleg gepleegd over de aanpak en de meest aangewezen manier om de zwijnenpopulatie te verminderen.
aandachtspunten tijdens deze besprekingen waren o.a.:
- het strikt toepassen van de vigerende wetgeving en reglementering;
- het optimaal kunnen waarborgen van de veiligheid van de bezoeker of passant;
- het niet verstoren van beschermde en zeldzame dieren en watervogels, vnl. in het natuurreservaat het Wik;

Er werd een consensus bereikt waarbij de bestrijding als legaal middel werd voorgeschreven.

Vanaf 19 april 2016 werd gestart met de effectieve bestrijding. Deze taak werd toevertrouwd aan twee domeinwachters. Zij beschikken over een uitmuntende terreinkennis.
Door wekelijkse controlerondes en met behulp van opgestelde wildcamera’s kunnen zij het gedrag, de verplaatsingen, de aantallen en de leefomstandigheden van de wilde zwijnen observeren en mee opvolgen.

Een gestrekt of afgeschoten zwijn wordt voorzien van twee labels afgeleverd door het ANB. Eén label wordt aan de kaak bevestigd, de ander aan het hielgewricht. De kaak wordt opgestuurd naar het INBO voor DNA-onderzoek, de hiellabel blijft bij het kadaver.
Het Natuurhulpcentrum uit Opglabbeek haalt de kadavers op. Deze worden verantwoord benut als voer voor hun tijdelijke verblijfsgasten; de leeuwen, poolwolf en enkele roofvogels.

Naast de bestrijding van de everzwijnen vond onder leiding van het INBO in het Wik een wetenschappelijk project plaats. Frislingen (jonge zwijntjes) werden in kooien gevangen, voorzien van een oormerk en vervolgens weer vrijgelaten. Hierdoor kan het INBO de leefomstandigheden en verplaatsingen van de dieren nauwgezet opvolgen en in kaart brengen. Op termijn draagt dit ongetwijfeld bij tot een optimaal everzwijnenbeheer waar ook Bokrijk baat bij zal hebben.